ECLI:NL:CBB:2010:BP6850
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- J.L.W. Aerts
- E.R. Eggeraat
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging besluit retributies veterinaire en hygiënische aangelegenheden wegens schending hoorplicht
Appellante, een slachterij aangesloten bij de Centrale Organisatie voor de Vleessector (COV), stelde beroep in tegen een besluit van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie dat haar bezwaren tegen facturen van de Voedsel- en Warenautoriteit (VWA) ongegrond verklaarde. De facturen betroffen retributies voor veterinaire en hygiënische controles.
Het College overwoog dat de facturen en de onderliggende regeling niet in strijd zijn met nationale of Europese regelgeving, zoals eerder in een pilotprocedure was vastgesteld. Appellante voerde aan dat het College ten onrechte geen prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie had gesteld over de doorberekening van diverse kosten in de tarieven. Het College oordeelde echter dat de toepassing van het gemeenschapsrecht evident was en dat geen twijfel bestond die verwijzing rechtvaardigde.
Verder stelde het College vast dat appellante in de bezwaarprocedure niet is gehoord, hetgeen in strijd is met artikel 7:2, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd. De rechtsgevolgen van het besluit blijven echter in stand. Verweerder wordt opgedragen het betaalde griffierecht aan appellante te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens schending van de hoorplicht, met instandhouding van de rechtsgevolgen.