ECLI:NL:CBB:2007:BA2603
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Proceskostenveroordeling
- H.C. Cusell
- M.A. Fierstra
- J.L.W. Aerts
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit doding verdachte dieren wegens onvoldoende motivering
Appellant maakte bezwaar tegen besluiten van de Minister van Landbouw waarin zijn evenhoevige dieren als verdacht van mond- en klauwzeer werden aangemerkt en gedood moesten worden. De minister handhaafde deze besluiten ondanks negatieve testuitslagen en aanvullende maatregelen.
Het College oordeelde dat de minister onvoldoende had gemotiveerd waarom de dieren in de gelegenheid waren geweest besmet te raken. De enkele aanvoer van herten uit het Verenigd Koninkrijk, waar mkz was uitgebroken, was onvoldoende concreet. Ook ontbrak een duidelijke onderbouwing van het transport en de besmettingsroute.
Verder was de minister niet verplicht tot doding op grond van Europese besluiten, omdat die pas na het besluit waren genomen en alleen van toepassing zijn indien dieren als verdacht zijn aangemerkt. Gelet op deze tekortkomingen werd het beroep gegrond verklaard, het besluit vernietigd en de minister opgedragen opnieuw te beslissen. Tevens werd de minister veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot doding van de dieren wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering.