ECLI:NL:CBB:2006:AX7807
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.A. van der Ham
- J.L.W. Aerts
- M. van Duuren
- Rechtspraak.nl
Berisping registeraccountant wegens onjuiste omzetverantwoording entreefees in jaarrekening 2000
De klacht betrof het handelen van een registeraccountant (betrokkene) bij de controle van de jaarrekening 2000 van G B.V. (later I B.V.). Klaagster stelde dat betrokkene ten onrechte entreefees als gerealiseerde omzet had verantwoord, wat volgens een KPMG-rapport te vroeg was en in strijd met de koopovereenkomst. Betrokkene had een goedkeurende verklaring afgegeven bij de jaarrekening, die later werd ingetrokken.
De Raad van Tucht oordeelde dat betrokkene onvoldoende kritisch was geweest gezien de overnamecontext en dat het te vroeg was om entreefees als omzet te nemen. Het niet kennen van de koopovereenkomst was niet relevant. Dit klachtonderdeel werd gegrond verklaard en betrokkene kreeg een schriftelijke berisping opgelegd. Een tweede klachtonderdeel over het niet overleggen met klaagster bij het intrekken van de verklaring werd ongegrond verklaard.
In hoger beroep stelde klaagster dat de feitenweergave onjuist was en dat de klacht was verschoven, maar het College oordeelde dat deze correcties de uitspraak niet aantasten en dat wijziging van de klacht tijdens de procedure niet is toegestaan. Het beroep tegen het gegrond verklaren van het eerste onderdeel was niet-ontvankelijk, het overige beroep werd verworpen.
De uitspraak bevestigt dat accountants extra zorgvuldigheid moeten betrachten bij jaarrekeningen die gebruikt worden voor belangrijke transacties zoals overnames, en dat het te vroeg opnemen van omzet kan leiden tot tuchtrechtelijke maatregelen.
Uitkomst: Het beroep wordt verworpen en de schriftelijke berisping aan de registeraccountant gehandhaafd.