ECLI:NL:CBB:2003:AO1026
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste en enige aanleg
- D. Roemers
- C.J. Borman
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar landbouwheffing wegens vermeende termijnoverschrijding
Appellante heeft beroep ingesteld tegen een besluit van de Belastingdienst waarin haar bezwaar tegen een uitnodiging tot betaling (utb) van landbouwheffing niet-ontvankelijk werd verklaard wegens overschrijding van de bezwaartermijn.
De kern van het geschil betreft de vraag of het besluit van 11 september 1997 op juiste wijze aan appellante is bekendgemaakt, waardoor de termijn voor het indienen van bezwaar zou zijn gestart. Verweerder stelde dat het besluit die dag was verzonden, maar kon dit niet aannemelijk maken. Er was geen bewijs van aangetekende verzending en het memo van de behandelend ambtenaar gaf geen zekerheid over correcte postverzending.
Het College oordeelde dat de verzending niet aannemelijk was gemaakt en dat de bezwaartermijn pas begon na toezending van een kopie van het besluit op 19 mei 1998. Het bezwaar van appellante, ontvangen op 28 mei 1998, was daardoor tijdig ingediend. Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw op het bezwaar te beslissen met inachtneming van de overwegingen van het College.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van appellante en werd het betaalde griffierecht vergoed. Een verzoek om schadevergoeding kon pas worden beoordeeld na een nieuwe beslissing op het bezwaar.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd wegens onvoldoende bewijs van tijdige verzending, met opdracht tot hernieuwde beslissing op bezwaar.