ECLI:NL:RVS:2026:929
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor huisvesting arbeidsmigranten nabij agrarische gronden wegens onvoldoende motivering spuitzoneonderzoek
Het college van burgemeester en wethouders van Dronten verleende aan appellant twee omgevingsvergunningen voor het huisvesten van arbeidsmigranten op een perceel met een voormalige zorgboerderij en nieuw te plaatsen modules. Deze huisvesting was in strijd met het geldende bestemmingsplan. Omwonenden en eigenaren van nabijgelegen agrarische gronden maakten bezwaar vanwege mogelijke beperkingen in hun bedrijfsvoering, met name het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen.
De rechtbank verklaarde het beroep van omwonenden gegrond en vernietigde het besluit, omdat het spuitzonerapport van Adromi, gebaseerd op het EFSA-model, ondeugdelijk was voor het beoordelen van ruimtelijke aanvaardbaarheid. Het college herroept daarop de vergunningen, maar appellant stelt hoger beroep in. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat het EFSA-model niet geschikt is voor het bepalen van spuitvrije zones in ruimtelijke ordening en dat het rapport onvoldoende locatiespecifiek is.
De Afdeling oordeelt dat het college niet zorgvuldig heeft onderzocht of de huisvesting in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening. Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard, de vergunningen worden geweigerd en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan de omwonenden. Tevens blijft de voorlopige voorziening van kracht tot dertien weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: De omgevingsvergunningen voor huisvesting van arbeidsmigranten worden geweigerd vanwege onvoldoende motivering van de spuitzone en het college wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.