ECLI:NL:RVS:2026:4159
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. ten Veen
- C.H. Bangma
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestemmingsplan Watergeuskade wegens onvoldoende motivering en herstelbesluit gegrond verklaard
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft bij uitspraak van 15 juli 2026 de beroepen tegen het bestemmingsplan Watergeuskade van de gemeente Leiden gegrond verklaard en het besluit van 4 juli 2023 vernietigd wegens strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het plan voorziet in de realisatie van een woonwerkgebied met maximaal 350 woningen, 7.000 m2 bedrijvigheid en een sportschool van maximaal 2.500 m2.
Naar aanleiding van een eerdere tussenuitspraak heeft de raad een herstelbesluit genomen waarbij artikel 9.4 van de planregels is gewijzigd. Dit herstelbesluit is integraal onderdeel van het geding en is door de Afdeling ongegrond verklaard, waarmee de gebreken in de motivering en borging van het windklimaat zijn hersteld. Appellanten die geen zienswijze tegen het herstelbesluit indienden, werden in hun beroepen ongegrond verklaard.
De Afdeling oordeelt dat de aanvullende parkeerberekening en de regeling omtrent windhinder in het herstelbesluit toereikend zijn. De raad heeft voldoende gewaarborgd dat het windklimaat aanvaardbaar blijft, mede door het inrichtingsplan dat als bijlage is toegevoegd. De termijn van twaalf maanden voor realisatie van het inrichtingsplan is redelijk. De proceskosten van appellanten sub 1 en 2 worden deels vergoed, terwijl appellanten sub 3 geen proceskostenvergoeding ontvangen.
De rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit blijven in stand, met uitzondering van artikel 9.4 dat is vervangen door het herstelbesluit. De Afdeling legt de raad een veroordeling in proceskosten en griffierecht op ten behoeve van appellanten sub 1 en 2.
Uitkomst: Het bestemmingsplan Watergeuskade wordt vernietigd, het herstelbesluit wordt ongegrond verklaard en de proceskosten worden deels aan de raad opgelegd.