ECLI:NL:RVS:2026:4130
Raad van State
- Hoger beroep
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroepen tegen omgevingsvergunning uitbreiding kunststofopslag Brunssum
Het college van burgemeester en wethouders van Brunssum verleende op 1 augustus 2019 een omgevingsvergunning aan [partij] voor de uitbreiding van de inpandige opslag van kunststoffen op een perceel in Brunssum. TpD Recycling B.V. exploiteerde destijds een afvalverwerkingsbedrijf op die locatie. Diverse partijen, waaronder tpD Recycling B.V. en de Actiegroep STOP de VLIEGEN en overlast, stelden beroepen in tegen dit besluit. De rechtbank Limburg verklaarde deze beroepen op 2 december 2021 niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van procesbelang, omdat het intrekkingsbesluit van 1 oktober 2019 de vergunningplicht had doen vervallen.
De Actiegroep stelde dat zij nog steeds belang had bij de procedure vanwege de ervaren overlast en mogelijke hernieuwde vergunningverlening, maar de Afdeling oordeelde dat vernietiging van het besluit geen gevolgen zou hebben voor de toegestane activiteiten en dat de schade niet aannemelijk was gemaakt. De curator van tpD Recycling B.V. voerde aan dat schade was geleden door onduidelijkheid in de vergunningsvoorschriften en het niet kunnen gebruiken van de vergrote opslagcapaciteit, maar ook dit werd door de Afdeling verworpen wegens gebrek aan voldoende bewijs en het feit dat bestuursdwangbesluiten waren geschorst en ingetrokken.
De Afdeling bevestigde dat de periode waarin schade kon zijn geleden liep van 5 augustus 2019 tot 22 november 2019, het moment waarop het intrekkingsbesluit onherroepelijk werd. De hoger beroepen werden ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt de niet-ontvankelijkheid van de beroepen tegen de omgevingsvergunning wegens gebrek aan procesbelang.