ECLI:NL:RVS:2026:4127
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen doden haas met drijfstok in jachtveld
Stichting Animal Rights (SAR) verzocht het college van gedeputeerde staten van Overijssel om handhavend op te treden tegen het doden van een haas met een drijfstok tijdens de jacht. Het college wees dit verzoek af, waarna SAR bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank, die het beroep ongegrond verklaarde. SAR ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de uitleg van het begrip 'jacht' in de Wet natuurbescherming (Wnb) en de vraag of het gebruik van een drijfstok om een aangeschoten haas te doden een verboden middel is. SAR stelde dat het doden met een drijfstok onder jacht valt en dat de zorgplicht om onnodig lijden te voorkomen was geschonden.
De Afdeling onderschreef de uitleg van de rechtbank dat het doden van reeds aangeschoten wild niet onder het begrip jacht valt en dat het gebruik van een drijfstok in dit geval geen overtreding van de Wnb oplevert. Ook oordeelde de Afdeling dat het doden van de haas met een drijfstok passend was binnen de zorgplicht om onnodig lijden te voorkomen, gelet op de praktijk en de omstandigheden.
Het hoger beroep van SAR werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van SAR wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.