ECLI:NL:RVS:2026:4027
Raad van State
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening bestuursrechtelijke uitspraak vreemdelingenrecht
Verzoeker heeft bij brief van 26 februari 2024 verzocht om herziening van de uitspraak van 26 januari 2023 van de Afdeling bestuursrechtspraak in een vreemdelingenrechtelijke zaak.
De Afdeling overweegt dat herziening van een onherroepelijke uitspraak slechts mogelijk is op grond van nieuwe feiten of omstandigheden die dateren van vóór de uitspraak en waarvan verzoeker pas ná de uitspraak kennis heeft genomen. Deze feiten of omstandigheden moeten bovendien tot een andere uitspraak kunnen leiden als zij tijdig bekend waren geweest.
Omdat de door verzoeker gestelde feiten dateren van ná de uitspraak waarvan herziening wordt verzocht, is er geen grond voor herziening. De Afdeling wijst het verzoek af en bepaalt dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 10 juli 2026.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de bestuursrechtelijke uitspraak wordt afgewezen omdat de nieuwe feiten dateren van ná de uitspraak.