ECLI:NL:RVS:2026:3660
Raad van State
- Hoger beroep
- J.M. Willems
- M. den Heyer
- M.C. Stoové
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek overname private schuld gedupeerde toeslagenaffaire wegens onduidelijkheid rechtsgeldigheid schuld
De zaak betreft het hoger beroep van een gedupeerde van de toeslagenaffaire tegen het besluit van de minister van Financiën om haar verzoek tot overname van een private schuld van 51.000 Antilliaanse gulden niet te honoreren. De schuld bestaat uit achterstallige huur en een contractuele boete aan een guesthouse.
De minister weigerde de schuld over te nemen omdat op basis van de ingediende stukken niet kon worden vastgesteld dat sprake was van een rechtsgeldige schuld. De rechtbank had dit standpunt bevestigd en het beroep ongegrond verklaard. De appellant voerde aan dat zij voldoende stukken had overgelegd die de schuld onderbouwen, waaronder een huurovereenkomst, facturen en aanmaningen, en dat de minister het zorgvuldigheidsbeginsel had geschonden door geen nader onderzoek te doen.
De Raad van State oordeelde dat de stukken onduidelijkheden bevatten, zoals onverklaarde boetebedragen, een factuurdatum die niet strookt met het verblijf van appellant, en een huurovereenkomst die was getekend voordat de schuldeiser was opgericht. De minister had voldoende onderzoek gedaan via Sociale Banken Nederland en het was primair aan appellant om opheldering te verschaffen. De Raad van State bevestigde daarom het besluit van de minister en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister tot afwijzing van de overname van de schuld wordt bevestigd.