ECLI:NL:RVS:2026:2269
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering omgevingsvergunning bedrijfswoning op grond van Wet Bibob
Het college van burgemeester en wethouders van Maashorst weigerde op 9 maart 2023 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bedrijfswoning aan een perceel in Uden. De weigering was gebaseerd op artikel 2.20 van de Wabo in samenhang met artikel 3 van Pro de Wet Bibob, vanwege een vermoeden van valsheid in geschrifte en het gevaar dat de vergunning zou worden gebruikt voor het benutten van uit strafbare feiten verkregen voordelen.
De rechtbank Oost-Brabant vernietigde het besluit deels vanwege een motiveringsgebrek, maar handhaafde de rechtsgevolgen van de weigering. Het college had volgens de rechtbank terecht een uitgebreide voorbereidingsprocedure toegepast, omdat de aanvraag ook betrekking had op het afwijken van het bestemmingsplan. De rechtbank oordeelde dat het college de Bibob-toets mocht uitvoeren op basis van eigen onderzoek en eerdere integriteitsproblemen.
In hoger beroep betoogde appellant onder meer dat de rechtbank buiten de geschilomvang trad, dat de reguliere procedure van toepassing was en dat de Bibob-toets onterecht werd uitgevoerd. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verwierp deze bezwaren, bevestigde dat de uitgebreide procedure van toepassing was, dat het college de Bibob-toets terecht uitvoerde en dat de weigering van de vergunning terecht was. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning vanwege een ernstig vermoeden van valsheid in geschrifte en het risico op misbruik.