ECLI:NL:RVS:2026:1212
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.Th. Drop
- J.A.W. Huijben
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking exploitatievergunning en sluiting pand wegens slecht levensgedrag exploitant coffeeshop
De burgemeester van Beverwijk trok op 5 april 2022 de exploitatievergunning en gedoogverklaring van een coffeeshop in, nadat hij op basis van politie- en justitiële rapportages concludeerde dat de eigenaar en zijn zoon van slecht levensgedrag waren. Dit leidde tot een sluiting van het pand op 11 mei 2022. De rechtbank oordeelde eerder dat deze besluiten rechtmatig waren, maar verklaarde het bezwaar tegen de intrekking van de gedoogverklaring niet-ontvankelijk.
In hoger beroep betoogde de exploitant dat de intrekking onterecht en onevenredig was, omdat de betrokkenen niet verwijtbaar waren bij de incidenten die aan de intrekking ten grondslag lagen. De Raad van State overwoog dat de burgemeester voldoende beoordelingsruimte had en dat de bestuurlijke rapportages, ondanks enkele vrijspraken in strafzaken, een redelijke grond boden voor het oordeel over slecht levensgedrag.
De Raad verwierp het beroep en bevestigde dat de intrekking en sluiting evenredig waren, mede gelet op het belang van de openbare orde. De exploitant had eerder een waarschuwing ontvangen voor overtreding van het coffeeshopbeleid, en meerdere incidenten met drugs en illegaal vuurwerk waren aan de orde geweest. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de intrekking van de exploitatievergunning en gedoogverklaring en de sluiting van het pand wegens slecht levensgedrag.