ECLI:NL:RVS:2025:5848
Raad van State
- Hoger beroep
- J.F. de Groot
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing overneming private schulden kinderopvangtoeslagaffaire
De zaak betreft het hoger beroep van een erkende gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire tegen de afwijzing van zeven aanvragen om overneming van private schulden door de Belastingdienst/Toeslagen. De aanvragen zijn ingediend bij Sociale Banken Nederland en afgewezen met verwijzing naar specifieke afwijzingscodes.
De rechtbank had het bezwaar tegen het besluit deels gegrond verklaard en het besluit gedeeltelijk vernietigd, met behoud van de rechtsgevolgen van het vernietigde gedeelte. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft het hoger beroep behandeld en de uitspraak van de rechtbank bevestigd, voor zover aangevallen.
Een belangrijk twistpunt betrof de opeisbaarheid van een schuld aan de Stadsbank van Lening, waarbij de gedupeerde stelde dat de schuld per direct opeisbaar was vanwege niet-betaalde rente en beleningskosten, wat leidde tot executieveiling van sieraden. De Afdeling oordeelde dat de overeenkomst steeds werd verlengd en dat er geen opeisbare vordering ontstond zolang de beleentermijn werd verlengd, waardoor het beroep faalde.
De Afdeling oordeelde dat de minister geen proceskosten hoeft te vergoeden en bevestigde het besluit van de rechtbank. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 3 december 2025.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.