ECLI:NL:RVS:2025:522
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning wegens onjuiste monumentenstatus en gebrekkige motivering
Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn verleende op 8 september 2020 een omgevingsvergunning aan partij A voor het verbouwen en uitbreiden van een pand aan de locatie in Boskoop, dat deels als gemeentelijk monument was aangewezen. Appellant, wonend tegenover het pand, betwistte de vergunning omdat het gehele pand als monument was aangewezen en niet slechts het voorste gedeelte, zoals het college had aangenomen.
De rechtbank stelde in een tussenuitspraak het college in de gelegenheid gebreken in het besluit te herstellen, waarna het college een aanvullende motivering gaf. Desondanks verklaarde de rechtbank het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand. Appellant ging hiertegen in hoger beroep.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het college ten onrechte niet had betrokken dat ook het achterste deel van het pand monumentale status heeft en dat de vergunning voor het slopen van dat deel daarom onrechtmatig is verleend. Tevens werd vastgesteld dat de eigenaren van de appartementen geen rechtstreeks belang hadden en niet als partij konden worden toegelaten. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de eerdere uitspraken vernietigd en het college opgedragen een nieuw besluit te nemen. Het college werd tevens veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep is gegrond verklaard en het besluit tot verlening van de omgevingsvergunning is vernietigd met het gelasten van een nieuw besluit.