ECLI:NL:RVS:2025:4408
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W. den Ouden
- N. Verheij
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Bevestiging tegemoetkoming planschade door inpassingsplan windpark De Drentse Monden en Oostermoer
Appellant is eigenaar van een perceel nabij het windpark De Drentse Monden en Oostermoer en vordert een tegemoetkoming in planschade wegens waardevermindering door het inpassingsplan dat de aanleg van 45 windturbines mogelijk maakt. De minister kende aanvankelijk een tegemoetkoming toe van €10.700, vermeerderd met rente. De rechtbank vernietigde het besluit op bezwaar en oordeelde dat de taxatie onjuist was vanwege een onjuiste planvergelijking, met name de invulling van tussengelegen gronden.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het oordeel van de rechtbank dat de taxatie niet juist was omdat niet alle mogelijke planologische invullingen (zoals grasland) zijn meegenomen die nadeliger kunnen zijn voor appellant. Het hoger beroep van Pure Energie Ontwikkeling B.V. wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat zij geen belanghebbende is.
De Afdeling gaat vervolgens in op de bezwaren van appellant tegen de nieuwe taxatie en het nieuwe besluit op bezwaar van 31 oktober 2024, waarbij een hogere tegemoetkoming van €11.700 is toegekend. De Afdeling oordeelt dat het advies van Thorbecke, waarop de minister zich baseert, zorgvuldig en deskundig is. De geluidhinder, uitzichthinder en lichthinder zijn adequaat beoordeeld, waarbij rekening is gehouden met de planologische mogelijkheden en bestaande omstandigheden. Het beroep van appellant tegen dit besluit wordt ongegrond verklaard, waarmee de tegemoetkoming definitief wordt vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de tegemoetkoming in planschade van €11.700, vermeerderd met wettelijke rente, wordt bevestigd.