ECLI:NL:RVS:2025:4082
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing verblijfsvergunning en terugkeerbesluit in hoger beroep
Appellant heeft bij besluit van 3 februari 2025 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie is afgewezen. Tevens werd een verzoek om een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd of uitstel van vertrek om medische redenen geweigerd, en is een terugkeerbesluit genomen.
De rechtbank verklaarde bij uitspraak van 7 juli 2025 het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het hoger beroep geen aanleiding geeft tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank. De motivering van de rechtbank wordt overgenomen, en het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen, en de minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen.