ECLI:NL:RVS:2025:408
Raad van State
- Hoger beroep
- G.J.T.M. Jurgens
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming planschade wegens overschrijding termijn volgens Wro
Appellant, eigenaar van een woning in Valkenburg, verzocht het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland om tegemoetkoming in planschade veroorzaakt door het Provinciaal Inpassingsplan Rijnlandroute. Dit plan maakt de realisatie van twee ongelijkvloerse aansluitingen op de N206 mogelijk, waaronder één nabij zijn woning.
Het college wees de aanvraag af omdat deze buiten de vijfjaarstermijn was ingediend die geldt vanaf het moment dat het besluit onherroepelijk werd, conform artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro). Deze termijn kon niet worden verlengd. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en dat oordeel werd bevestigd in hoger beroep.
Appellant stelde dat hij pas bij aanvang van de bouw in 2021 op de hoogte was van de schadelijke gevolgen, omdat hij aanvankelijk dacht dat de fly-over verderop zou komen. De Afdeling oordeelde dat appellant door het raadplegen van de plankaart uit 2014 had kunnen weten dat de fly-over tegenover zijn woning mogelijk was en dat het beroep op verjaring daarom niet onaanvaardbaar was.
De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigde het eerdere oordeel en wees het hoger beroep af. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De aanvraag om tegemoetkoming in planschade wordt afgewezen wegens overschrijding van de wettelijke termijn.