ECLI:NL:RVS:2025:3677
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor rookgasafvoerkanaal niet in strijd met bestemmingsplan en welstandseisen
Het college van burgemeester en wethouders van Amersfoort verleende een omgevingsvergunning voor het gewijzigd plaatsen van een rookgasafvoerkanaal aan de rechterzijgevel van een woning. Appellant, wonende op het aangrenzende perceel, maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze vergunning. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat op grond van overgangsrecht de Wabo van vóór 1 januari 2024 van toepassing is omdat de aanvraag vóór die datum was ingediend. Het rookgasafvoerkanaal werd als een ondergeschikt bouwonderdeel aangemerkt, gelijkgesteld aan schoorstenen en antennes, en hoeft daarom niet te worden meegeteld bij de bouwhoogte. De omvang en uiterlijke verschijningsvorm zijn ondergeschikt aan de woning, en de bouwhoogte overschrijdt de maximale hoogte uit het bestemmingsplan niet.
Verder werd geoordeeld dat de normen uit het Bouwbesluit niet strekken tot bescherming van de belangen van appellant en dat het college voldoende heeft gemotiveerd dat het gebruik van het rookgasafvoerkanaal geen gevaar voor volksgezondheid of overmatige hinder oplevert. Het welstandsadvies is zorgvuldig tot stand gekomen en het bouwplan voldoet voldoende aan de criteria, ondanks dat het kanaal deels zichtbaar is en niet volledig inpandig kan worden geplaatst.
De Afdeling concludeert dat het bouwplan niet in strijd is met het bestemmingsplan noch met de redelijke eisen van welstand. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor het rookgasafvoerkanaal blijft in stand.