ECLI:NL:RVS:2025:3658
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging besluit buiten behandeling stellen asielaanvraag tijdelijke bescherming
Betrokkene, afkomstig uit Algerije en tijdelijk beschermd op grond van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De minister stelde deze aanvraag buiten behandeling omdat betrokkene niet reageerde op een vragenformulier over het doorzetten van de procedure.
De rechtbank vernietigde dit besluit en oordeelde dat het buiten behandeling stellen onrechtmatig was. De minister ging in hoger beroep, maar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State bevestigde de uitspraak van de rechtbank. De Afdeling verwees naar een eerdere uitspraak waarin werd geoordeeld dat het niet beantwoorden van het vragenformulier geen grond is om een asielaanvraag buiten behandeling te stellen.
De minister werd veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van betrokkene. De Afdeling verbeterde de motivering van de rechtbank, maar wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dat de asielaanvraag niet buiten behandeling mocht worden gesteld en veroordeelt de minister tot vergoeding van proceskosten.