ECLI:NL:RVS:2025:3525
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering vernietigd besluit verblijfsvergunning asiel
De minister van Asiel en Migratie wees op 21 oktober 2024 een aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af als kennelijk ongegrond. Betrokkene ging in beroep tegen dit besluit. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit en bepaalde dat de minister binnen zes weken een nieuw besluit moest nemen.
De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht tevens om een voorlopige voorziening, zodat zij de uitspraak van de rechtbank niet hoefde uit te voeren zolang het hoger beroep nog niet was beslist.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de beoordeling van het hoger beroep nader onderzoek vereist en dat deze procedure zich niet leent voor een inhoudelijke beoordeling. Gezien de belangen van partijen werd daarom de voorlopige voorziening toegekend. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: De minister hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.