ECLI:NL:RVS:2025:3376
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door minister na ongegrond beroep rechtbank
De minister van Asiel en Migratie stelde appellant op 8 juni 2025 in bewaring. Appellant stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, die op 19 juni 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die beantwoording behoeven in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de rechtbank en zag geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten. De minister werd niet veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bewaring bevestigd.