ECLI:NL:RVS:2025:3350
Raad van State
- Mondelinge uitspraak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging buiten behandeling stellen omgevingsvergunning en toekenning schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag stelde de aanvraag van appellant om een omgevingsvergunning voor het plaatsen van een antenne-installatie buiten behandeling. Appellant voerde aan dat de rechtbank ten onrechte zijn verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn buiten behandeling had gelaten.
De rechtbank had geoordeeld dat het verzoek om vergoeding buiten behandeling moest blijven omdat appellant niet tijdig een verzoek had ingediend tijdens de zitting, terwijl de redelijke termijn al was overschreden. De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit oordeel en oordeelt dat de rechtbank terecht heeft gehandeld.
De Afdeling stelt vast dat de totale procedure met ongeveer drie maanden de redelijke termijn heeft overschreden, welke termijn voor een procedure met bezwaar, beroep en hoger beroep in totaal vier jaar bedraagt. De overschrijding wordt volledig aan de rechtbank toegerekend.
Daarom kent de Afdeling een forfaitaire schadevergoeding toe van € 500,00, te voldoen door de minister van Justitie en Veiligheid. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Afdeling bevestigt het buiten behandeling stellen van de aanvraag en kent een schadevergoeding van € 500 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn.