ECLI:NL:RVS:2025:3090
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor tweede woning ondanks betoog kennelijke misslag bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Beemster verleende op 18 maart 2020 een omgevingsvergunning aan een partij voor de bouw van een tweede woning op een perceel in Westbeemster. Appellant, die in de andere helft van een twee-onder-een-kapwoning woont, maakte bezwaar tegen deze vergunning en stelde dat het bouwplan in strijd was met het bestemmingsplan vanwege een kennelijke misslag.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat de aanvraag vóór de inwerkingtreding van de Omgevingswet was ingediend, zodat het oude recht van toepassing was.
De Afdeling constateerde dat het bestemmingsplan twee bouwvlakken op het perceel aanwees, waarbij per bouwvlak maximaal één woning is toegestaan. Hoewel appellant stelde dat sprake was van een kennelijke misslag omdat slechts één woning was bedoeld, oordeelde de Afdeling dat er geen duidelijke discrepantie tussen verbeelding en planregels bestond en dat de misslag niet kennelijk was. Het college had daarom terecht de vergunning verleend zonder nadere belangenafweging.
De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en het college hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de omgevingsvergunning wordt bevestigd.