ECLI:NL:RVS:2025:2342
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over tijdelijk huisverbod Rotterdam
De burgemeester van Rotterdam legde op 1 september 2023 een tijdelijk huisverbod op aan de wederpartij voor tien dagen, naar aanleiding van een incident in de gezamenlijke woning. Dit huisverbod werd later verlengd tot achttien dagen vanwege het uitblijven van hulpverlening. De wederpartij stelde zich hiertegen op en stelde beroep in bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelde dat niet de aanwezigheid van de wederpartij, maar die van de partner een gevaar vormde en verklaarde het beroep gegrond. De burgemeester ging hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat gezien de spoedeisende aard van het huisverbod de feiten aannemelijk moeten zijn, niet onomstotelijk bewezen. De burgemeester had terecht meer gewicht toegekend aan het meest recente Risico-instrument Huiselijk Geweld, waarin rekening werd gehouden met een proces-verbaal en foto’s van blauwe plekken. Dit vormde een redelijk vermoeden van ernstig en onmiddellijk gevaar.
Daarom oordeelde de Raad van State dat het huisverbod terecht was opgelegd en vernietigde de uitspraak van de rechtbank. De beroepen bij de rechtbank werden ongegrond verklaard en de burgemeester hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de burgemeester wordt gegrond verklaard en het huisverbod aan de wederpartij is terecht opgelegd.