ECLI:NL:RVS:2025:1792
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring door minister van Asiel en Migratie na beroep rechtbank
Appellant werd bij besluit van 4 maart 2025 door de minister van Asiel en Migratie in bewaring gesteld. Hiertegen stelde appellant beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 21 maart 2025 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
Appellant ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling overwoog dat het hoger beroep geen nieuwe vragen bevatte die van belang zijn voor rechtseenheid, rechtsontwikkeling of algemene rechtsbescherming, zodat geen nadere motivering nodig was.
De Afdeling zag ook ambtshalve geen reden om de bewaring onrechtmatig te achten en bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.