ECLI:NL:RVS:2025:1709
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- B.P. Vermeulen
- J.C.A. de Poorter
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van tijdelijke ligplaatsvergunning voor passagiersvaartuig ondanks beroep op vertrouwensbeginsel en Dienstenrichtlijn
Rederij Lovers heeft een ligplaatsvergunning voor het passagiersvaartuig 'Athene' aangevraagd aan de Prinsengracht 106 in Amsterdam. Het college van burgemeester en wethouders verleende deze vergunning voor drie jaar vanwege nieuw beleid gericht op vrijmaken en herverdelen van ligplaatsen. Rederij Lovers maakte bezwaar tegen de beperkte duur, stellende dat de vergunning onterecht niet voor onbepaalde tijd werd verleend. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, en de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt dit in hoger beroep.
De Afdeling oordeelt dat de ligplaatsvergunning een schaarse vergunning betreft, omdat er meer aanvragen waren dan beschikbare ligplaatsen. Dit rechtvaardigt een tijdelijke vergunning om nieuw beleid mogelijk te maken. De Afdeling stelt vast dat de Dienstenrichtlijn wel van toepassing is op de vergunningverlening, maar dat dit niet leidt tot vernietiging van het besluit. Het college heeft voldoende gemotiveerd dat de vergunning tijdelijk is vanwege beleidsmatige schaarste.
Verder faalt het beroep op het vertrouwensbeginsel en rechtszekerheidsbeginsel. Er zijn geen ondubbelzinnige toezeggingen gedaan dat de vergunning voor onbepaalde tijd zou worden verleend. De koppeling van de looptijd van de ligplaatsvergunning aan die van de exploitatievergunning is niet gerechtvaardigd, mede omdat het college de mogelijkheid tot herziening van de exploitatievergunning heeft vermeld. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep ongegrond; tijdelijke ligplaatsvergunning voor drie jaar bevestigd.