ECLI:NL:RVS:2025:1667
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening niet-ontvankelijk wegens ongepast taalgebruik in bestuursrechtelijke procedure
Bij besluit van 5 januari 2023 maakte de korpschef op grond van de Wet open overheid een document openbaar na een verzoek van verzoeker. De korpschef verklaarde het bezwaar van verzoeker tegen dit besluit niet-ontvankelijk, maar de rechtbank vernietigde dit besluit en bepaalde dat de korpschef binnen zes weken een nieuw besluit moest nemen.
Verzoeker stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht tevens om een voorlopige voorziening. Tijdens de procedure gebruikte verzoeker herhaaldelijk ongepaste, beledigende en dreigende taal jegens rechters en andere betrokkenen, ondanks meerdere waarschuwingen van de Afdeling bestuursrechtspraak en de voorzieningenrechter.
De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker de grenzen van het normale, beschaafde en legitieme taalgebruik onaanvaardbaar had overschreden, wat in strijd is met het beginsel van behoorlijke procesvoering. Daarom werd het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk verklaard. Tevens hoeft de korpschef geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het gebruik van ongepaste, beledigende en dreigende taal.