ECLI:NL:RVS:2024:867
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering uitspraak rechtbank inzake rechtmatig verblijf gemeenschapsonderdaan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 12 juni 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een document dat rechtmatig verblijf als gemeenschapsonderdaan bevestigt af. Na bezwaar verklaarde de staatssecretaris dit ongegrond. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met de opdracht om het document binnen twee weken af te geven.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening om uitvoering van de rechtbankuitspraak op te schorten. De vreemdeling deed eveneens een verzoek om voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat nader onderzoek nodig is en dat de staatssecretaris geen uitvoering hoeft te geven aan de uitspraak totdat het hoger beroep is beslist.
Het verzoek van de vreemdeling om een voorlopige voorziening werd afgewezen. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter M. Soffers op 29 februari 2024.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist; het verzoek van de vreemdeling om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.