ECLI:NL:RVS:2024:4985
Raad van State
- Hoger beroep
- J.E.M. Polak
- J. Hoekstra
- E.J. Daalder
- Rechtspraak.nl
Afwijzing subsidieaanvraag elektrische personenauto wegens uitgeput subsidieplafond
De staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat wees de subsidieaanvraag van appellant af op grond van de Subsidieregeling elektrische personenauto's particulieren (SEPP), omdat het subsidieplafond op 28 augustus 2021 was bereikt. Appellant had op 9 juli 2021 een tweedehands elektrische auto aangeschaft en vroeg op 30 augustus 2021 subsidie aan. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat de staatssecretaris niet had aangetoond dat het budget daadwerkelijk was uitgeput en dat vrijgevallen gelden niet volledig waren herverdeeld, wat volgens haar in strijd was met het evenredigheidsbeginsel en het gelijkheidsbeginsel. De staatssecretaris toonde aan dat op 27 oktober 2021 een loting had plaatsgevonden onder aanvragen van 28 augustus 2021, waarbij het resterende budget volledig was verdeeld.
Verder betoogde appellant dat zij op grond van het vertrouwensbeginsel mocht verwachten dat vrijgevallen gelden aan haar zouden worden toegekend. De Afdeling oordeelde dat de informatie op de website duidelijk maakte dat de kans op subsidie klein was en afhankelijk van vrijval, en dat appellant dus geen gerechtvaardigde verwachtingen had.
Ten slotte stelde appellant dat het besluit in strijd was met het evenredigheidsbeginsel. De Afdeling verwees naar een eerdere uitspraak waarin werd vastgesteld dat artikel 4:25, tweede lid, Awb niet aan het evenredigheidsbeginsel kan worden getoetst, tenzij bijzondere omstandigheden zijn gesteld, wat hier niet het geval was.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de subsidieaanvraag wordt bevestigd.