ECLI:NL:RVS:2024:4803
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de minister van Asiel en Migratie bij besluit van 4 oktober 2024 niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 29 oktober 2024 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State en verzocht om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter overwoog dat het hoger beroep nader onderzoek vereist, mede vanwege lopende zaken over het interstatelijk vertrouwensbeginsel voor België en de toegang tot opvang voor niet-kwetsbare alleenstaande mannen. Omdat deze procedure zich niet goed leent voor dat onderzoek, werd besloten een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter bepaalde dat de vreemdeling niet wordt overgedragen zolang het hoger beroep loopt en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten van € 875,00, toe te rekenen aan door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan op 22 november 2024.
Uitkomst: De vreemdeling wordt niet overgedragen totdat op het hoger beroep is beslist en de minister wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding.