ECLI:NL:RVS:2024:4311
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen niet tijdig besluit asielaanvraag
De vreemdeling stelde beroep in tegen het niet tijdig nemen van een besluit op zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. De rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat op dat moment nog geen besluit was genomen. Inmiddels heeft de minister op 27 juni 2024 het besluit genomen en de aanvraag afgewezen.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt vast dat het hoger beroep daardoor niet-ontvankelijk is geworden. Verder overweegt de Afdeling dat de minister de beslistermijn van vijftien maanden heeft overschreden, ook al is de beslistermijn mogelijk rechtmatig met negen maanden verlengd. Dit leidt tot een veroordeling van de minister tot vergoeding van de proceskosten van de vreemdeling.
De vreemdeling heeft aangegeven geen beroep te willen instellen tegen het afgewezen besluit, zodat geen beroep van rechtswege is ontstaan. De Afdeling beslist daarom het hoger beroep niet-ontvankelijk te verklaren en veroordeelt de minister tot betaling van € 437,50 aan proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en de minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.