ECLI:NL:RVS:2024:4297
Raad van State
- Hoger beroep
- J.C.A. de Poorter
- J.Th. Drop
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over bewaring vreemdeling en afwijzing schadevergoeding
Bij besluit van 21 maart 2023 stelde de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de vreemdeling in bewaring. De rechtbank Den Haag verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond, oordeelde dat de bewaring onrechtmatig was en beval opheffing van de maatregel met toekenning van schadevergoeding.
De minister stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak. De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de minister had moeten onderzoeken of de bewaring ook kon worden gebaseerd op uitzetting naar Algerije. De Dublinverordening was immers van toepassing, waardoor de Terugkeerrichtlijn niet van toepassing is.
Verder oordeelde de Afdeling dat de minister voldoende had gemotiveerd waarom een lichter middel niet volstond, aangezien de bewaring was ingesteld met het oog op een Dublinoverdracht en de verklaringen van de vreemdeling over zijn paspoort en terugkeerwens hier niet relevant waren.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep gegrond, vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het beroep alsnog ongegrond en wees het verzoek om schadevergoeding af. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.