ECLI:NL:RVS:2024:4270
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke handhaving wegens ongeoorloofd rooien houtwal in Bergen
Het college van burgemeester en wethouders van Bergen legde op 2 november 2021 een last onder dwangsom op aan appellant vanwege het rooien van een houtwal zonder omgevingsvergunning. Appellant pacht een perceel nabij Beekheuvel 2 en 2a te Siebengewald waar de houtwal van circa 120 meter stond. Na constatering van de illegale kap op 31 oktober 2018 gaf het college appellant gelegenheid tot vrijwillige herplant, die uitbleef.
Het college handhaafde vervolgens met een dwangsom van €1.000 per week, maximaal €30.000, bij niet-naleving na 1 maart 2022. Appellant voerde aan dat de werkzaamheden waren gestart vóór de inwerkingtreding van het bestemmingsplan "Buitengebied 2018" en dat het rooien van een houtsingel niet verboden was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hoger beroep bevestigt dit oordeel.
De Afdeling oordeelt dat het rooien van de houtwal onder het verbod van het bestemmingsplan valt, dat het geen doorlopend werk is en dat het college terecht handhavend heeft opgetreden. De schorsing van de dwangsombesluiten met terugwerkende kracht tot acht weken na verzending van het arrest biedt appellant nog tijd om aan de last te voldoen. Een proceskostenveroordeling is niet opgelegd.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak bevestigt het college bevoegdheid tot handhaving en schorst de dwangsombesluiten tijdelijk.