ECLI:NL:RVS:2024:4097
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging wijziging exploitatievergunning passagiersvervoer en herstel onbepaalde tijd vergunning
Rederij Belle beschikte over een exploitatievergunning voor passagiersvervoer voor onbepaalde tijd voor het vaartuig Emma. Op 4 juni 2020 wijzigde het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam deze vergunning in een vergunning voor bepaalde tijd, met een verloopdatum van 1 maart 2028. Rederij Belle maakte bezwaar tegen deze wijziging, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van Rederij Belle tegen dit besluit eveneens ongegrond.
Rederij Belle stelde hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tevens verlengde het college bij besluit van 22 april 2024 de vergunning met twee jaar, tot 1 maart 2030, en stelde de uitgifterondes voor nieuwe vergunningen uit. De Afdeling behandelde deze zaak samen met 50 andere soortgelijke zaken en oordeelde in een eerdere uitspraak dat een deel van de algemene gronden slaagt, waardoor de wijzigingsbesluiten moeten worden herroepen.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep van Rederij Belle gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van 10 februari 2021, herroept het besluit van 4 juni 2020 en vernietigde het besluit van 22 april 2024. Hierdoor geldt weer de oorspronkelijke exploitatievergunning voor onbepaalde tijd. Tevens veroordeelde de Afdeling het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan Rederij Belle.
De uitspraak is gedaan door voorzitter W. den Ouden en leden C.M. Wissels en A.J.C. de Moor-van Vugt, in aanwezigheid van griffier S.R. Renkema, op 9 oktober 2024.
Uitkomst: De wijziging van de exploitatievergunning wordt vernietigd en de vergunning voor onbepaalde tijd wordt hersteld.