ECLI:NL:RVS:2024:3824
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- N.H. van den Biggelaar
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens onrechtmatige omzetting zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte in Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde appellant een bestuurlijke boete van €18.000 op wegens het omzetten van een zelfstandige woning in onzelfstandige woonruimte zonder vergunning. De woning werd gecontroleerd op 8 oktober 2019, waarbij bleek dat vijf personen de woning gebruikten die voorzieningen deelden zonder een gezamenlijke huishouding te vormen.
Appellant voerde aan dat hij op verzoek van de gemeente de verhuur had overgenomen en dat hij de regels voor hospitaverhuur had gecommuniceerd aan de hoofdhuurder, maar de overtreding toch ontstond. De rechtbank matigde de boete tot €16.100 wegens termijnoverschrijding, maar erkende appellant als overtreder.
In hoger beroep stelde appellant dat hij voldoende zorg had betracht en niet wist van de overtreding. De Raad van State oordeelde dat appellant als functioneel overtreder kan worden aangemerkt omdat hij wist van onderverhuur zonder schriftelijke toestemming en onvoldoende maatregelen nam om de overtreding te voorkomen.
De Raad verwierp het beroep op matiging van de boete wegens bijzondere omstandigheden, omdat appellant onvoldoende aannemelijk maakte dat hem de overtreding in verminderde mate kan worden toegerekend. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de boete van €18.000 wordt bevestigd.