ECLI:NL:RVS:2024:3783
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.Th. Drop
- A. Kuijer
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete wegens woningonttrekking aan bestemmingsregels Amsterdam
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan appellante een boete van €20.500 op wegens het onttrekken van kamers in een woning aan de bestemming tot bewoning, omdat twee stagiaires slechts tijdelijk voor drie maanden verbleven. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellante dat het verblijf van de stagiaires wel degelijk een duurzaam karakter had en dat de boete onevenredig hoog was. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de boetetabel uit de Huisvestingsverordening Amsterdam 2016 onverbindend is voor zover deze onvoldoende differentieert en daarmee in strijd is met het evenredigheidsbeginsel.
De Afdeling stelde zelf de boete vast op €10.000, die wegens overschrijding van de redelijke termijn met 10% werd gematigd tot €9.000. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd en het besluit van het college herroepen voor zover het de hoogte van de boete betreft. Tevens werden proceskosten en griffierecht aan appellante toegekend.
Uitkomst: De boete voor woningonttrekking wordt verminderd van €20.500 naar €9.000 wegens strijd met het evenredigheidsbeginsel.