ECLI:NL:RVS:2024:2133
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken actueel en reëel belang bij Wob-verzoek
Appellanten hebben bij de commissie van advies voor bezwaarschriften Het Hogeland verzoeken ingediend op grond van de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). De commissie heeft deze verzoeken op 16 december 2020 ingewilligd, maar vervolgens op 4 mei 2021 het bezwaar van appellanten ongegrond verklaard. De rechtbank Noord-Nederland heeft op 20 mei 2022 het beroep van appellanten ongegrond verklaard. Appellanten hebben hiertegen hoger beroep ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Tijdens de behandeling van het hoger beroep heeft de commissie aangegeven niet te beschikken over andere informatie dan reeds aan appellanten is verstrekt. Appellanten brachten procedurele en bevoegdheidsgebreken naar voren, maar erkenden niet dat er nog niet-openbare informatie onder de commissie berust. De Afdeling overwoog dat de bestuursrechter alleen inhoudelijk mag oordelen als er een actueel en reëel belang is. Dit belang ontbrak hier, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard.
De Afdeling benadrukte dat het ontbreken van een actueel belang betekent dat de bestuursrechter niet hoeft te oordelen over principiële kwesties. Appellanten stelden dat het van belang is dat besluiten goed gemotiveerd en rechtmatig worden genomen, maar dat is onvoldoende om het ontbreken van een actueel belang te compenseren. De commissie hoeft geen proceskosten te vergoeden. Het vonnis is uitgesproken op 22 mei 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van een actueel en reëel belang.