ECLI:NL:RVS:2024:1699
Raad van State
- Hoger beroep
- B.P.M. van Ravels
- C.H. Bangma
- A.B. Blomberg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering exploitatievergunning terras Mariaplaats Utrecht wegens verkeersbelangen
Taphuys exploiteert een restaurant met terras aan de Mariaplaats 3 in Utrecht en vroeg een exploitatievergunning aan voor een terras van 4,85 meter diep. De burgemeester verleende echter een vergunning voor slechts 1 meter diep, omdat de locatie onderdeel is van een shared space-zone en een belangrijke doorlooproute vormt. De burgemeester stelde dat een groter terras de vrije doorgang van verkeer en de bereikbaarheid van winkels zou belemmeren.
De rechtbank verklaarde het beroep van Taphuys deels gegrond, met name wat betreft de geldigheidsduur van de vergunning, maar wees het overige af. In hoger beroep betoogde Taphuys dat het terras niet in strijd was met de regelgeving en dat de Mariaplaats een tijdelijke voetgangerszone is, waarbij een vrije doorgang van 4 meter voldoende zou zijn. Ook stelde zij dat het gelijkheidsbeginsel was geschonden omdat elders grotere terrassen worden toegestaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester terecht heeft geoordeeld dat het terras de vrije doorgang en het doelmatig gebruik van de weg belemmert. De Mariaplaats is een belangrijke doorlooproute voor voetgangers, fietsers en bevoorradend verkeer. De norm van 4 meter is een minimumnorm en kan in concrete gevallen niet toereikend zijn. Er is geen strijd met het gelijkheidsbeginsel omdat de situatie ter plaatse uniek is. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard. Tevens is de redelijke termijn overschreden, waarvoor de Staat een schadevergoeding van €500 aan Taphuys moet betalen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de exploitatievergunning voor het terras bevestigd.