ECLI:NL:RVS:2024:163
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- J. Schipper-Spanninga
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen uitvoering machtiging tot voorlopig verblijf
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft op 28 juni 2021 een aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor twee vreemdelingen afgewezen. Na bezwaar en een aanvullend besluit werd dit besluit door de rechtbank Den Haag op 1 december 2023 vernietigd en werd de staatssecretaris verplicht de mvv te verlenen. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in en verzocht de voorzieningenrechter om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter heeft bij ordemaatregel bepaald dat de staatssecretaris geen uitvoering hoeft te geven aan de uitspraak van de rechtbank totdat op het hoger beroep is beslist. Na schriftelijke uiteenzetting van de vreemdelingen heeft de voorzieningenrechter dit besluit bevestigd en bepaald dat de staatssecretaris geen proceskosten hoeft te vergoeden.
De uitspraak van 18 januari 2024 bevestigt dat de uitvoering van de rechtbankuitspraak wordt opgeschort in afwachting van de beslissing op het hoger beroep, waarmee de rechtspositie van de staatssecretaris wordt beschermd tijdens de procedure.
Uitkomst: De staatssecretaris hoeft de uitspraak van de rechtbank niet uit te voeren totdat het hoger beroep is beslist.