ECLI:NL:RVS:2024:1521
Raad van State
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging omgevingsvergunning gebruik tuinhuisje als bed & breakfast wegens strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Altena verleende op 18 december 2019 een omgevingsvergunning voor het gebruik van een tuinhuisje als bed & breakfast, in afwijking van het bestemmingsplan. De aanvrager wilde het bestaande tuinhuisje bij zijn woning gebruiken voor deze functie. Appellanten, buren van het perceel, maakten bezwaar vanwege privacy-inbreuk en overlast.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het tuinhuisje geen bijbehorend bouwwerk is en dat de bouwmogelijkheden niet vergunningvrij zijn. Het college verleende daarop op 17 oktober 2023 een nieuw besluit, waarin ook een vergunning voor bouwen werd verleend. Appellanten stelden dat dit besluit onrechtmatig was omdat het bouwvolume werd vergroot en het gebruik in strijd is met het bestemmingsplan.
De Afdeling stelde vast dat het college ten onrechte de vergunning verleende op grond van artikel 2.12, eerste lid, aanhef en onder a, onder 2°, van de Wabo, omdat het bouwvolume wordt vergroot. Ook is het gebruik van het tuinhuisje als gastenverblijf strijdig met de bestemming "Wonen - 1" volgens artikel 17.4.1 van het bestemmingsplan. Het college had de vergunning moeten voorbereiden via de uitgebreide voorbereidingsprocedure. De motivering van het college over goede ruimtelijke ordening en doelmatigheid werd deels verworpen.
Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit van 17 oktober 2023 vernietigd en het besluit van 18 december 2019 herroepen. Het college moet een nieuw besluit nemen en de proceskosten van appellanten vergoeden. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de omgevingsvergunning vernietigd en herroepen, en het college moet een nieuw besluit nemen.