ECLI:NL:RVS:2024:1222
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging bewaring vreemdeling door staatssecretaris na beroep
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde de vreemdeling bij besluit van 24 december 2023 in bewaring. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank, die op 4 januari 2024 het beroep ongegrond verklaarde en het verzoek om schadevergoeding afwees.
De vreemdeling ging in hoger beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling heeft het hoger beroep beoordeeld en geoordeeld dat de rechtbank terecht en op goede gronden heeft vastgesteld dat het besluit tot verwijdering rechtsgeldig is uitgereikt. Hierdoor konden de zware gronden 3b en 3c en de lichte grond 4a aan de bewaring ten grondslag worden gelegd.
De Afdeling vond geen aanleiding om het besluit onrechtmatig te achten en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de staatssecretaris werd niet verplicht tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de bewaring van de vreemdeling blijft gehandhaafd.