ECLI:NL:RVS:2023:592
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestuursdwangbesluit wegens onvoldoende bewijs overtreder huisvuilzak
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag had op 29 april 2022 spoedeisende bestuursdwang toegepast wegens het verkeerd aanbieden van huishoudelijk afval, waarbij een huisvuilzak met een poststuk met naam en adres van appellant was aangetroffen. Het college legde appellant de kosten van bestuursdwang op.
Appellant betwistte dat de afvalzak van haar was, onderbouwd met haar fysieke beperkingen, het formaat van de zak, en de inhoud die niet overeenkomt met haar situatie. Tevens wees zij op frequente foutieve postbezorging in haar buurt. De Raad van State hanteert een bewijsvermoeden dat afval met een poststuk tot een persoon te herleiden is, maar dit vermoeden kan worden ontkracht door voldoende twijfel.
Gezien de omstandigheden, waaronder de blindheid van appellant, het kookgedrag, en de frequente foutieve postbezorging, acht de Afdeling bestuursrechtspraak het bewijsvermoeden ontkracht. Het college heeft appellant ten onrechte als overtreder aangemerkt en de besluiten van 22 augustus en 13 december 2022 worden vernietigd. Het primaire besluit van 7 mei 2022 wordt herroepen en appellant hoeft de kosten niet te vergoeden.
Uitkomst: Het primaire bestuursdwangbesluit wordt herroepen en appellant hoeft de kosten niet te vergoeden.