ECLI:NL:RVS:2023:4672
Raad van State
- Hoger beroep
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Vaststelling ongegrond beroep tegen vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid legde op 20 oktober 2023 een vrijheidsontnemende maatregel op aan een vreemdeling. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die op 6 november 2023 het beroep gegrond verklaarde en schadevergoeding toekende.
De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State. De centrale rechtsvraag betrof de voortvarendheid van de staatssecretaris bij het screenen van de vreemdeling tijdens de rust- en voorbereidingstijd. De Raad van State verwijst naar een eerdere uitspraak (ECLI:NL:RVS:2023:4014) waarin deze kwestie is beantwoord.
De Raad van State oordeelt dat het hoger beroep gegrond is, vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van de vreemdeling alsnog ongegrond. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen en de staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.