ECLI:NL:RVS:2023:4624
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- B.P. Vermeulen
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing handhavingsverzoek tegen gegevensverstrekking Sociale Verzekeringsbank
De dochter van appellant is in 2016 geboren en de Sociale Verzekeringsbank (SVB) verstrekte toen haar persoonsgegevens aan de Belastingdienst/Toeslagen via een startbericht. Appellant betoogde dat deze gegevensverstrekking onrechtmatig was en diende meerdere handhavingsverzoeken in bij de Autoriteit Persoonsgegevens (AP).
De AP wees het verzoek af omdat er een lopende bestuursrechtelijke procedure was over de rechtmatigheid van de gegevensverstrekking, waardoor nader onderzoek niet opportuun werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het niet tijdig beslissen op het eerste handhavingsverzoek niet-ontvankelijk en verwierp het beroep tegen het besluit van de AP.
In hoger beroep stelde appellant dat hij niet voldoende was gehoord en dat de AP haar handhavingsverplichting niet nakwam. De Raad van State oordeelde dat de AP terecht op beide handhavingsverzoeken heeft beslist met het besluit van 19 november 2020 en dat de ingebrekestelling te laat was. Tevens is de beleidsruimte van de AP om af te zien van handhaving in deze situatie terecht toegepast, mede ter voorkoming van tegenstrijdige beslissingen en in het belang van rechtszekerheid.
Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met verbetering van de gronden.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en het besluit van de Autoriteit Persoonsgegevens om het handhavingsverzoek af te wijzen wordt bevestigd.