ECLI:NL:RVS:2023:4594
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid aanvraag verblijfsvergunning asiel na eerdere uitspraak rechtbank
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid verklaarde bij besluit van 26 juli 2023 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet-ontvankelijk. De rechtbank Den Haag verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond bij uitspraak van 31 augustus 2023.
De vreemdeling stelde hiertegen hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Deze afdeling oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe rechtsvragen bevat die in het belang van rechtseenheid, rechtsontwikkeling of rechtsbescherming beantwoord moeten worden. Bovendien zijn de relevante rechtsvragen reeds eerder door de Afdeling beantwoord in een uitspraak van 1 november 2023.
Daarom leidt het hoger beroep niet tot vernietiging van de uitspraak van de rechtbank en wordt het ongegrond verklaard. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak bevestigt daarmee de niet-ontvankelijkheid van de aanvraag verblijfsvergunning asiel.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de niet-ontvankelijkverklaring van de aanvraag verblijfsvergunning asiel wordt bevestigd.