ECLI:NL:RVS:2023:4531
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- B.P. Vermeulen
- H. Benek
- Rechtspraak.nl
Beoordeling inzageverzoek persoonsgegevens en logginggegevens bij Centrum Indicatiestelling Zorg
De moeder van appellant was cliënt bij het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ). Appellant verzocht op grond van artikel 15 AVG Pro om inzage in zijn persoonsgegevens, inclusief logginggegevens over wijzigingen als wettelijk contactpersoon van zijn moeder in 2014. Het CIZ wees dit verzoek aanvankelijk af, omdat het aannam dat appellant inzage wilde in het dossier van zijn moeder, waarvoor alleen de mentor bevoegd is.
Na bezwaar verstrekte het CIZ een overzicht van de persoonsgegevens van appellant, maar zonder logginggegevens. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat het CIZ geen logginggegevens opslaat en dat de wet- en regelgeving (WGBO, NEN-normen) niet op het CIZ van toepassing zijn omdat het geen zorgaanbieder is.
In hoger beroep bevestigde de Afdeling dat het CIZ in 2014 niet verplicht was logginggegevens te bewaren en dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat dergelijke gegevens bestaan. Ook oordeelde de Afdeling dat het verstrekte overzicht voldoet aan artikel 15 AVG Pro en dat het verzoek om schadevergoeding daarom moet worden afgewezen. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.