ECLI:NL:RVS:2023:4408
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herbeoordeling portfolio Assessment jaar 2 Hogeschool van Amsterdam
Appellante heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het college van beroep voor de examens van de Hogeschool van Amsterdam, dat haar administratief beroep tegen de herbeoordeling van haar portfolio voor Assessment jaar 2 ongegrond verklaarde.
De herbeoordeling was noodzakelijk omdat de eerste beoordeling niet voldeed aan de Onderwijs- en Examenregeling (OER) en de Handleiding competentie assessment 2019-2020, waarbij ten onrechte competenties in ECTS werden uitgedrukt in plaats van een cijfer op een schaal van 1 tot 10. De herbeoordeling vond plaats met dezelfde beoordelingscriteria als de eerste, maar nu correct toegepast.
Appellante stelde dat bij juiste toepassing van de beoordelingsregels zij mogelijk een voldoende (5,5) had kunnen behalen en daarmee de volledige 60 ECTS. De Afdeling oordeelde dat het onderwijsconcept 'Ondernemend Leren' vereist dat eerst 60 ECTS worden verzameld alvorens cijfers worden toegekend, zodat bij de herbeoordeling alleen het reeds behaalde portfolio kon worden beoordeeld.
De herbeoordeling door twee onafhankelijke examinatoren resulteerde in cijfers voor vier clusters, waarvan slechts één voldoende was. Appellante kan haar portfolio aanvullen met aanvullende bewijsstukken om alsnog een voldoende te behalen. De Afdeling vond geen reden om de herbeoordeling onrechtmatig te verklaren en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van appellante tegen de herbeoordeling van haar portfolio wordt ongegrond verklaard.