ECLI:NL:RVS:2023:4397
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. ten Veen
- Rechtspraak.nl
Toekenning hogere uitkering schadefonds wegens langdurig seksueel geweld binnen relatie
Appellante diende een aanvraag in voor een uitkering uit het schadefonds geweldsmisdrijven vanwege stelselmatig huiselijk geweld en seksueel geweld door haar toenmalige partner tussen 2011 en 2014. De Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven kende haar aanvankelijk een uitkering toe in letselcategorie 3, wat zij onjuist vond omdat sprake was van verkrachting over een langere periode, passend bij letselcategorie 4 of 5.
Na diverse procedures vernietigde de Afdeling bestuursrechtspraak het eerdere besluit en oordeelde dat de Commissie onvoldoende had gemotiveerd waarom de uitkering in letselcategorie 3 passend was, terwijl het proces-verbaal van 2015 duidelijk sprak van een zedenmisdrijf met seksueel binnendringen. De Commissie stelde dat het seksueel geweld niet over een langere periode had plaatsgevonden, maar de Afdeling vond deze uitleg onredelijk.
De Afdeling besloot zelf in de zaak te voorzien en bepaalde dat appellante recht heeft op een uitkering in letselcategorie 4 van € 10.000,00. Tevens werden de proceskosten aan appellante toegekend. Hiermee is het geschil definitief beslecht.
Uitkomst: De Raad van State kent appellante een uitkering toe in letselcategorie 4 van € 10.000,00 wegens langdurig seksueel geweld binnen haar relatie.