Uitspraak
Datum uitspraak: 1 november 2023
AFDELINGBESTUURSRECHTSPRAAK
voorzitter
Raad van State
De raad van de gemeente Midden-Groningen stelde op 3 februari 2022 het bestemmingsplan 'Partiële herziening Woongebieden' vast, gericht op het herstellen van omissies in het voorgaande plan uit 2013. Appellant sub 1 en de coöperatie en anderen stelden beroep in tegen het plan. Appellant sub 1 betoogde dat het gebruik van haar perceel voor permanente bewoning ten onrechte onder persoonsgebonden overgangsrecht is gebracht, wat leidt tot waardedaling en inkomensverlies. De Afdeling oordeelde dat de raad onvoldoende heeft onderbouwd waarom persoonsgebonden overgangsrecht is toegepast, waardoor het besluit niet zorgvuldig is voorbereid en niet deugdelijk is gemotiveerd.
De coöperatie en anderen richtten zich tegen de bestemming 'Recreatie', met name de jachthaven en discotheek. De Afdeling stelde vast dat de discotheek en de noordelijke jachthaven al als zodanig waren bestemd in het vorige plan, zodat overgangsrecht niet van belang is. Voor de zuidelijke jachthaven was onvoldoende onderbouwd dat het gebruik onder het overgangsrecht valt, waardoor het plan mogelijk voorziet in een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling zonder voldoende ruimtelijke onderbouwing.
Verder oordeelde de Afdeling dat de raad niet heeft voldaan aan de verplichting tot passende beoordeling op grond van de Wet natuurbescherming, noch aan de m.e.r.-beoordelingsplicht, voor zover het plan voorziet in nieuwe ontwikkelingen bij de zuidelijke jachthaven. De Afdeling verwierp het verweer over de plangrens en de beroepsgrond over de tankboot wegens gebrek aan belang. De beroepen van appellant sub 1 en de coöperatie en anderen zijn gegrond, het besluit wordt vernietigd voor zover het persoonsgebonden overgangsrecht en de jachthavenbestemming betreft.
Uitkomst: Het bestemmingsplan wordt vernietigd voor zover het persoonsgebonden overgangsrecht en de jachthavenbestemming betreft.