ECLI:NL:RVS:2023:3686
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- C.M. Wissels
- J.H. van Breda
- Rechtspraak.nl
Vernietiging boetebesluit wegens onvoldoende medisch onderzoek in inburgeringszaak
De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid legde appellant een boete op wegens het niet tijdig voldoen aan de inburgeringsplicht en bepaalde dat hij de lening voor de inburgeringscursus moest terugbetalen. Appellant had een verlengde inburgeringstermijn vanwege medische redenen, waaronder een operatie en PTSS-klachten. De minister baseerde zich op medische adviezen van Argonaut die stelden dat appellant niet gedurende drie aaneengesloten maanden geen onderwijs kon volgen.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht van deze adviezen was uitgegaan en dat appellant onvoldoende had onderbouwd dat hij niet kon inburgeren. In hoger beroep stelde appellant dat de medische adviezen onzorgvuldig waren, met name omdat de PTSS-klachten onvoldoende waren meegewogen en de periode van beoordeling onjuist was afgebakend.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de medische adviezen niet zorgvuldig tot stand waren gekomen, omdat Argonaut onvoldoende rekening hield met de PTSS-diagnose en klachten binnen de inburgeringstermijn. De minister had onvoldoende onderzoek verricht en de adviezen ten onrechte als basis gebruikt. Omdat nader onderzoek niet mogelijk was zonder de procedure onredelijk te verlengen, werd het boetebesluit vernietigd en de boete en terugbetalingsverplichting afgewezen.
De uitspraak vernietigt het eerdere vonnis van de rechtbank, herroept het boetebesluit van 14 mei 2020 en bepaalt dat appellant geen boete hoeft te betalen en de lening niet hoeft terug te betalen. Tevens worden de proceskosten aan appellant toegekend.
Uitkomst: Het boetebesluit en de terugbetalingsverplichting worden vernietigd en appellant hoeft deze niet te voldoen.